Taalgids Duits: verschil tussen versies

12 bytes verwijderd ,  9 jaar geleden
meer hoofdstukken, aantal wijzigingen
(meer hoofdstukken)
(meer hoofdstukken, aantal wijzigingen)
Kleine aantallen Duitse moedertaalsprekers zijn te vinden in [[Polen]], [[Tsjechië]], [[Slowakije]], [[Hongarije]] en [[Roemenië]]. Dit komt door de historische omvang van de Duitse en Oostenrijkse rijken in deze regio en de ingrijpende veranderingen die in [[Europa]] na de Eerste Wereldoorlog plaatsvonden. Er zijn kleine geïsoleerde gemeenschappen Duitstaligen te vinden in [[Rusland]], de [[Centraal-Azië|Centraal-Aziatische republieken]], [[Australië]] en in [[Noord-Amerika|Noord-]] en [[Zuid-Amerika]].
 
== Grammatica en dialecten ==
=== Grammatica ===
Het Duits kent vier naamvallen:
#de nominatief: het onderwerp en naamwoordelijk deel van het gezegde
|}
 
=== Dialecten ===
 
In het Duitse taalgebied kan men twee grote dialectgroepen onderscheiden. Tot het Nederduits worden onder meer volgende deeldialecten gerekend: het Bremerduits, het Westfaals en Oostfaals, het Nederfrankisch (dat tegenwoordig eerder tot de Nederlandse dialecten in Duitsland wordt gerekend), het Neder-Pruisisch en het Noord- en Oost-Fries. Anderzijds is er het Hoogduits, dat bestaat uit het Middelduits (met onder andere het Moezelfrankisch, het Rijnfrankisch, het Oosthessisch, het Middelhessisch, het Nordhessisch, het Thürings) en het Opperduits (met onder andere het Alemannisch, het Beiers en het Zuid- en Oost-Frankisch). Het grote verschil tussen deze twee grote dialectgebieden is de al dan niet doorgevoerde tweede of Hoogduitse klankverschuiving. Zo zal men in het Nederduitse dialect eerder 'pund, 'water' en 'ik' zeggen, terwijl Hoogduitse dialectsprekers eerder 'pfund', 'wasser' en 'ich' zullen zeggen.
 
== Uitspraak ==
===Klinkers===
De uitspraak van het Duits is relatief eenvoudig maar de spelling is ingewikkelder.
De i wordt verlengd indien gevolgd door e of eh (tier)
 
=== Medeklinkers ===
 
Medeklinkers worden sterk uitgesproken.
 
== Basiswoorden ==
 
{{infobox|Gebruikelijke uitdrukkingen|
; OPEN : Offen, Geöffnet
; Aangename kennismaking (formeel) : Nett, Sie kennen zu lernen. (''net zie KEN-un tsoe LER-nun'')
; Alstublieft. : Bitte (''BIE-tuh'')
; DankuwelDank u wel : Danke schön (''DAN-kuh sheun'')
; Bedankt : Danke (''DAN-kuh'')
; Alstublieft : Bitte schön! (''BIE-tuh sheun'')
; Excuseer : Entschuldigung. (''ent-SHOEL-die-goeng'')
; Tot ziens : Auf Wiedersehen. (''auf VIE-dur-zeen'')
;
; I spreek geen Duits : Ich spreche kein Deutsch (''iesh shpregguh kaain dojtsh'')
; Spreekt u Nederlands? (formeel) : Sprechen Sie Niederländisch? (''shpreggun zie NIE-dur-len-diesj?'')
 
==Bij problemen==
 
; Laat me met rust : Lass / Lassen Sie mich in Ruhe . (''LAS(-een zie) miesj ien ROE-uh'')
; Raak me niet aan! : Fass / Fassen Sie mich nicht an! (''FAS(-een zie) miesj niekt AAN!'')
; Mag ik jouw/uw GSM gebruiken? : Kann ich dein/Ihr Handy benutzen? (''kan iesj daain/ier HEN-die buh-NOET-sun?'')
 
== Cijfers==
 
; 0 : null (''noll'')
; 1 : eins (''aainss'')
; meer : mehr (''meer'')
 
== Rangtelwoorden==
 
; 1. : erster (''er-stur'')
; 2. : zweiter (''tsvei-tur'')
; 's nachts : nachts (''nahkhts'')
 
==== Klok====
 
; Eén uur : ein Uhr (''EIN oor'')
; Twee uur : zwei Uhr (''TSVEI oor'')
 
====Dagen====
 
; vandaag : heute (''HOY-tuh'')
; eergisteren : vorgestern (''for-GESS-tern'')
 
====Maanden====
 
; januari : Januar (''YAH-noe-ahr'')
; februari : Februar (''FEE-broe-ahr.'')
 
==Kleuren==
 
; zwart : schwarz (''shvahrts'')
; wit : weiß (''veis'')
; donker - : dunkel- (''dune-kel'') zoals in dunkelblau
 
===Vervoer===
 
====Trein en bus====
 
====Trein en bus====
; Hoeveel kost een ticket naar _____? : Was kostet eine Fahrkarte nach _____? (''vass KOSS-tet eigh-nuh FAHR-kahr-tuh nahkh _____?'')
; Een ticket naar _____, alstublieft. : Bitte eine Fahrkarte nach _____. (''BIT-tuh EIGH-nuh FAHR-kahr-tuh nahkh _____'')
 
===Richtingen===
 
; Hoe kom ik in _____ ? : Wie komme ich nach/zum/zur _____ ? (''vie KOM-muh ikh nahkht/soem/tsoer _____?'')
; ...het station? : ...zum Bahnhof? (''tsoem BAHN-hohf?'')
; Breng me naar daar, alstublieft. : Bringen Sie mich bitte dahin. (''BRING-en zie mikh BIT-tuh dah-HIN'')
 
===Slapen===
 
; Zijn er nog kamers beschikbaar? : Sind noch Zimmer frei? (''ZINT nokh TSIM-mer FREIGH?'')
; Hoeveel kost een kamer voor één/twee personen? : Wieviel kostet ein Einzelzimmer/Doppelzimmer? (''vie-fiel KOSS-tet eighn EIGHN-tsel-tsim-mer/DOP-pel-tsim-mer?'')
 
==Geld==
 
; Kan ik met een kredietkaart betalen? : Kann ich mit Kreditkarte zahlen? (''kahn ikh mit kree-DIET-kahr-tuh TSAH-len?'')
; Kunt u geld voor me wisselen? : Können Sie mir Geld wechseln? (''KUN-en zie mier GELT WEKHS-eln?'')
 
==Eten==
 
; Een tafel voor één/twee personen, alstublieft. : Ein Tisch für eine Person/zwei Personen, bitte. (''eighn TISH fuur EIGHN-uh per-ZOHN/TSVEIGH per-ZOHN-nen, BIT-tuh'')
; Mag ik de menukaart even zien? : Ich hätte gerne die Speisekarte. (''ikh HET-tuh GER-nuh die SHPEIGH-zuh-kahr-tuh'')
 
==Uitgaan==
 
; Serveert u alcohol? : Haben Sie alkoholische Getränke? (''HAH-ben zie ahl-koh-HOHL-ish-uh guh-TRENG-kuh?'')
; Een biertje/twee biertjes, alstublieft. : Ein Bier/zwei Bier, bitte. (''eighn bier/tsveigh bier, BIT-tuh'')
; Wanneer sluit u? : Wann schließen Sie? (''vahn SHLIE-sen zie?'')
 
===Winkelen===
 
; Hebt u dit in mijn maat? : Haben Sie das in meiner Größe? (''HAH-ben zie dahs in MEIGH-ner GROO-suh?'')
; Hoeveel kost dat? : Was kostet das? (''vahss KOSS-tet dahss?'')
; ...een Nederlands-Duits woordenboek. : ...ein Niederländisch-Deutsch-Wörterbuch. (''eighn NIE-der-lendisj-DAUTSJG woor-ter-boekh'')
 
===Rijden===
 
; Ik wil een auto huren. : Ich möchte ein Auto mieten. (''ikh MUK-tuh aain AUW-toh mie-ten'')
; Kan ik het laten verzekeren? : Kann ich es versichern lassen? (''kahn ikh es fer-ZIKH-ern LAH-sen?'')
; tol : Maut (''MAUWT'')
 
===Bij problemen=Autoriteiten==
 
; Ik heb niets verkeerds gedaan. : Ich habe nichts getan. (''ish HAH-buh nikhts ge-TAHN'')
; Waar brengt u me naartoe? : Wohin bringen Sie mich? (''VOH-hin BRING-en zie mikh?'')
; Ben ik gearresteerd? : Bin ich verhaftet? (''bin ikh fer-HAHF-tet?'')
 
 
{{Ster}}